Kinderen kunnen van nature verrassend mindful zijn. Kijk maar eens hoe aandachtig een kind een miertje volgt. Op dat moment lijkt niets anders te bestaan. Het kind kijkt, ontdekt en is helemaal aanwezig bij wat er gebeurt.
Toch is er een verschil tussen vanzelf opgaan in een moment en mindfulness bewust leren gebruiken. Door kinderen op een speelse manier te laten oefenen met aandacht, leren ze herkennen wat er in hun lichaam en om hen heen gebeurt. Ze ontdekken bijvoorbeeld hoe hun ademhaling voelt, waar zij spanning ervaren en wat hen kan helpen wanneer er veel prikkels zijn. Dat is juist iets wat kinderen van nature nog niet voldoende hebben ontwikkeld.
Zo wordt mindfulness meer dan een spontaan moment van aandacht. Het wordt iets waarop kinderen later kunnen teruggrijpen wanneer ze onrust, spanning of sterke gevoelens ervaren. Niet om die gevoelens weg te drukken, maar om even stil te staan bij wat er gebeurt voordat ze reageren.
Mindfulness betekent dat je met aandacht aanwezig bent bij wat er op dit moment gebeurt. Je merkt op wat je ziet, hoort, voelt of denkt, zonder daar direct iets aan te hoeven veranderen.
Voor kinderen kan dat heel concreet zijn. Ze luisteren naar een geluid, voelen hun voeten op de grond of merken dat hun ademhaling sneller gaat nadat ze hebben gerend. Zo leren ze stap voor stap om aandacht te geven aan hun lichaam, hun omgeving en hun gevoelens.
Het is daarbij heel normaal dat de aandacht afdwaalt. Het doel is niet om voortdurend geconcentreerd te blijven. Juist het opmerken dat je bent afgeleid en daarna weer terugkeren naar wat je aan het doen bent, hoort bij mindfulness.
Kinderen krijgen gedurende de dag veel indrukken te verwerken. Ze horen geluiden, zien van alles gebeuren, ervaren verwachtingen en maken verschillende emoties mee. Soms volgen die prikkels elkaar zo snel op dat een kind direct reageert zonder eerst te merken wat er vanbinnen gebeurt.
Mindfulness kan kinderen helpen om signalen eerder te herkennen. Misschien voelt een kind spanning in de buik, worden de handen stevig dichtgeknepen of gaat de ademhaling sneller. Door hier regelmatig op rustige momenten aandacht aan te besteden, raakt een kind steeds meer vertrouwd met deze signalen.
Dat betekent niet dat een kind daardoor altijd rustig zal reageren. Het biedt wel de mogelijkheid om even stil te staan bij wat er gebeurt. Vanuit dat kleine pauzemoment kan er ruimte ontstaan om bewuster te reageren of aan te geven wat er nodig is.
Mindfulness en lichaamsbewustzijn bij kinderen zijn daarom nauw met elkaar verbonden. Om te herkennen wat je nodig hebt, moet je eerst leren opmerken wat je lichaam vertelt.
Bij mindfulness wordt al snel gedacht aan stilzitten met gesloten ogen. Voor sommige kinderen kan dat prettig zijn, maar het is zeker niet de enige manier.
Kinderen leren en ontdekken met hun hele lichaam. Daarom kan mindfulness ook bestaan uit bewegen, spelen, luisteren en onderzoeken. Door de oefening aan te laten sluiten bij hun belevingswereld, wordt aandacht iets wat ze kunnen ervaren in plaats van iets waarover vooral wordt gepraat.
Een kind kan bijvoorbeeld heel langzaam door de ruimte lopen en voelen hoe de voeten de grond raken. Een groep kan luisteren naar een geluid dat steeds zachter wordt. Ook het aandachtig bekijken van een veertje, steen of blad kan een mindfulnessmoment zijn.
De oefening hoeft niet lang te duren. Een kort moment waarin kinderen echt betrokken zijn, kan waardevoller zijn dan een uitgebreide oefening waarbij ze hun aandacht verliezen.
Een mindfulnessoefening wordt speelser wanneer deze onderdeel is van een verhaal of activiteit. Je hoeft een kind niet te vragen om ineens stil te gaan zitten en mindful te zijn. Je kunt de aandacht op een natuurlijke manier ergens naartoe leiden.
Laat kinderen een eenvoudige beweging heel langzaam uitvoeren. Ze kunnen bijvoorbeeld hun armen omhoogbrengen, één stap zetten of zich uitrekken als een kat.
Nodig ze uit om te voelen wat er tijdens de beweging gebeurt. Welke spieren bewegen mee? Voelt links hetzelfde als rechts? Het gaat niet om het juiste antwoord, maar om nieuwsgierig onderzoeken.
Geef kinderen iets uit de natuur, zoals een blad, steen of veertje. Laat ze kijken naar de kleuren en vormen en voelen hoe het voorwerp aanvoelt.
Ook hierbij hoeft geen lang gesprek te ontstaan. Een paar eenvoudige vragen helpen kinderen al om met aandacht te kijken en voelen.
Mindfulness wordt soms pas aangeboden wanneer een kind druk, boos of verdrietig is. De oefening krijgt dan al snel de boodschap: je moet nu rustig worden.
Maar een kind hoeft niet altijd direct rustig te worden. Boosheid, verdriet en onrust mogen er ook zijn. Mindfulness draait niet om het zo snel mogelijk laten verdwijnen van deze gevoelens. Het helpt een kind om op te merken wat er aanwezig is.
Daarbij is het belangrijk dat een kind mag kiezen hoe het meedoet. Niet ieder kind wil de ogen sluiten, stil liggen of direct over gevoelens praten. Een kind kan eerst kijken, een oefening op een eigen manier uitvoeren of later aansluiten. Die ruimte draagt bij aan een veilige ervaring.
Kinderen letten niet alleen op wat we zeggen, maar ook op wat we uitstralen. Wanneer wij zelf gehaast of ongeduldig zijn, voelen kinderen dat vaak haarfijn aan.
Als volwassene kun je vertragen, rustig blijven en ruimte geven aan wat een kind ervaart. Je hoeft niet direct een oplossing te geven. Soms helpt het al om samen waar te nemen: je ademhaling gaat snel, je handen zijn stevig dicht en er is blijkbaar veel gebeurd.
Dit noemen we co-regulatie. Een kind hoeft spanning niet altijd alleen te dragen, maar kan steun ervaren van een rustige en beschikbare volwassene. Vanuit die veiligheid kan het steeds beter leren herkennen wat er vanbinnen gebeurt.
Binnen een kinderyogales kan mindfulness op een natuurlijke manier samengaan met beweging, ademhaling, fantasie en ontspanning. Een aandachtmoment hoeft geen los onderdeel te zijn, maar kan worden verwerkt in het thema en het yoga-avontuur.
Tijdens een reis door het bos kunnen kinderen bijvoorbeeld luisteren naar de geluiden om hen heen. Na een actieve beweging kunnen ze voelen of hun hart sneller klopt. En tijdens een rustmoment kunnen ze opmerken waar hun lichaam de grond raakt. Zo blijft mindfulness onderdeel van de beleving van de les. Het onderbreekt het avontuur niet, maar versterkt wat kinderen op dat moment ervaren.
Kinderen hoeven niet te leren hoe ze altijd rustig of mindful moeten zijn. Ze mogen spelen, afgeleid raken, druk zijn en grote gevoelens ervaren.
Door regelmatig op een speelse manier aandacht te oefenen, ontdekken ze wel dat ze af en toe kunnen vertragen. Ze leren luisteren naar hun lichaam, bewust waarnemen en een klein pauzemoment herkennen.
Dat zijn vaardigheden waarop ze ook later kunnen teruggrijpen. Niet alleen tijdens een mindfulnessoefening, maar juist op momenten waarop er veel gebeurt.
Binnen onze
opleiding Kinderyoga & Mindfulness leer je hoe je mindfulness, beweging, ontspanning en co-regulatie op een speelse en veilige manier verwerkt in kinderyogalessen. Zo help je kinderen om bewust te leren ontspannen, reageren en voelen.